‘Serie CSI heeft veel belangstelling gewekt voor forensisch werk’
Bert Corbijn (54) geeft leiding aan 50 medewerkers van de Forensisch Technische Ondersteuning (FTO). Deze technische recherche maakt onderdeel uit van de Divisie Recherche. Corbijn is verantwoordelijk voor het Forensisch Proces: het opsporen, vastleggen en verwerken van sporen op een Plaats Delict (PD) bij een misdrijf of ernstig ongeval.Om dit zo goed mogelijk te kunnen doen, heeft Corbijns team sinds 2004 een eigen onderkomen aan de Parmentierweg op het Flight Forum van Eindhoven Airport. Vanuit dit speciale bureau worden alle politieafdelingen in de regio Brabant Zuid-Oost bediend.

Blauw bloed
Sinds 1974 stroomt bij Corbijn blauw bloed door de aderen, toen zijn carrière aanving bij de Rijkspolitie in Sint-Oedenrode. Met de enorme ervaring opgedaan in al die jaren bij verschillende onderdelen van de politie, heeft hij genoeg bagage om dagelijks deze drukke job aan te gaan. Een greep uit die werkzaamheden: team aansturen, samenwerken met andere regio's, nieuwe technologische ontwikkelingen volgen, ook internationaal, en verbinding zoeken met de politiebureaus in de regio.
"Om het werk zo goed mogelijk uit te voeren, werken we met 50 man personeel, waaronder forensisch rechercheurs van diverse niveaus van assistent tot senior, specialisten zoals speurhondengeleiders, digitaal rechercheurs, verkeersongevallenanalisten en schoen- en werktuigspoordeskundigen", aldus Corbijn.
CSI
Sinds de populaire serie Crime Scene Investigation (CSI) op televisie is te zien, merkt Corbijn dat veel mensen enthousiast zijn geraakt over het werk. Sollicitanten kloppen massaal bij hem aan; met elk volgt een gesprek. Drie kwart valt meteen af als duidelijk wordt wat het werk ècht inhoudt. Het werk is emotioneel zwaar. Bijvoorbeeld het overlijden van een kind bij een ernstig ongeval, dat gaat zelfs de meest ervaren forensisch rechercheur niet in de koude kleren zitten. Ook het werken in de onregelmatigheid trekt vaak een zware wissel op het privéleven. Corbijn: "In de serie CSI wordt het werk aantrekkelijker voorgesteld dan het in werkelijkheid is, niet iedereen is zich daarvan bewust."
Woninginbraken
Sinds januari 2007 wordt er binnen het korps nog meer dan voorheen ingezet op woninginbraken. Volgens het hoofd FTO betekent dit wanneer een politieman na een inbraak hulp inschakelt van FTO, die aanvraag zoveel mogelijk wordt gehonoreerd. Om 07.00 uur in de ochtend rollen alle verzoeken van de regio bij het team binnen. Na screening worden de inbraken verdeeld onder de nieuw aangestelde forensisch assistenten. Deze nemen voornamelijk alle woning- en bedrijfsinbraken voor hun rekening, de zogenoemde Standaard Plaats Delicten. Zo hebben de andere forensisch rechercheurs meer tijd over voor het doen van forensisch onderzoek bij bijvoorbeeld moorden.
De drie forensisch assistenten bezoeken zelfstandig ongeveer vier woninginbraken per dag. Na terugkomst brengen zij verslag uit en leveren hun sporen in bij de sporencoördinatoren. Dit kunnen werktuig- en/of schoensporen zijn of bijvoorbeeld DNA-sporen. DNA-sporen worden doorgestuurd naar het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) waar het DNA-profiel wordt bepaald en in de DNA-databank terechtkomt. De sporencoördinator kan soms tientallen inbraken aan elkaar koppelen.
Hits
Door de uitbreiding van het team met forensische assistenten is het werk onder de rechercheurs beter verdeeld. Doordat meer sporen worden binnengebracht, neemt het aantal "hits" toe. Dit heeft als positief gevolg dat er meerdere verdachten kunnen worden opgespoord en zodoende het oplossingspercentage hoger is. Momenteel onderzoeken de forensisch assistenten ongeveer 80% van de aangeleverde PD's. De andere 20% nemen de overige forensisch rechercheurs (Generalisten en Senioren) voor hun rekening. Zo houden zij feeling met het werk op een PD van een inbraak en leren zij het vak aan nieuwe medewerkers.
Door koppelingen van dacty-, dna-, schoen- en werktuigsporen en door tactisch onderzoek, konden honderden woninginbraken in onze en andere regio's in 2007 worden opgelost.
De nasleep van de Schiedammer Parkmoord heeft geleid tot extra middelen, ondermeer voor de werving van forensisch assistenten. Binnenkort worden in Brabant Zuid-Oost nieuwe forensisch assistenten geselecteerd en aangenomen. In totaal mag deze regio 20 assistenten aanstellen. Met deze extra mankracht hoopt het korps nog meer woninginbraken forensisch te onderzoeken en hopelijk op te lossen.

RSS
Lees voor
