Meeting of Minds
Bij de aanpak van huiselijk geweld werken veel mensen vanuit verschillende instanties en invalshoeken samen om probleemsituaties op te lossen. Hoe kijken zij vanuit hun eigen functie tegen dezelfde zaak aan?Zaak
Jongste zoon John* (19) uit een gezin met drie kinderen woont nog thuis. Hij is snel agressief en voelt zich vaak onbegrepen door zijn ouders. Tijdens een ruzie met zijn vader in september 2005 springt moeder tussenbeide. John grijpt haar bij de keel en dreigt daarna met een mes zichzelf iets aan te doen. Moeder belt de politie en doet aangifte. Later trekt ze de aangifte weer in, omdat ze vindt dat John geen straf maar behandeling nodig heeft, onder andere voor zijn drugsverslaving. John moet na een voorwaardelijk sepot een behandeling volgen bij de GGzE, maar houdt het na een tijdje voor gezien. In oktober 2006 escaleert een kleine ruzie opnieuw. Ook nu grijpt John zijn moeder bij de keel, maar slaat haar deze keer ook met zijn vuist in haar gezicht. Nadat hij het ouderlijk huis is ontvlucht belt John zelf de politie, waarna hij wordt aangehouden en vervolgd. In januari 2007 legt de politierechter hem een voorwaardelijke werkstraf van 200 uur op. Opnieuw moet hij een behandeling bij de GGzE volgen. Daarnaast moet hij voldoen aan eisen van de Reclassering.
*) Omwille van de privacy is de naam van de dader fictief.

Peter Lammers (48) is rechercheur bij de Gezamenlijke Recherche Valkenswaard.
Mariska Wijnbelt (35) is officier van justitie en persofficier bij het Openbaar Ministerie in ’s-Hertogenbosch.
Peter Lammers
"De eerste vraag is natuurlijk waarom John in 2005 al niet is gestraft. En waarom kon hij zomaar stoppen met de behandeling door de GGzE? Een voorwaardelijk sepot betekent dat justitie niet tot vervolging overgaat. Voor John was het de eerste keer dat hij zo erg over de schreef ging. Justitie en hulpverleners vonden het geen oplossing om hem direct in de cel te zetten of op een andere manier hard te straffen. Bovendien zag de moeder liever dat haar zoon werd behandeld. Daar hou je allemaal rekening mee. John werd daarom behandeld door de GGzE, maar bleef ineens weg. Voordat de hulpverleners konden ingrijpen ging hij opnieuw de fout in."
Mariska Wijnbelt
"Je maakt altijd een afweging van de totale situatie. De aanleiding van geweld ligt meestal erg diep. Ook bij het OM handelen we op basis van alle gebeurtenissen en verslagen uit het verleden. In 2005 was er geen juridische grond om John voor te geleiden. In 2006 was dat wel het geval. Toen oordeelden de rechter-commissaris en politierechter dat de schuld niet helemaal bij John kon worden gelegd. Het hele gezin was licht ontvlambaar, zo bleek onder meer uit een psychiatrisch rapport. Alle omstandigheden worden dus zorgvuldig meegewogen. Het is dan ook voor iedereen belangrijk te weten dat het OM geen enkele zaak als koude formaliteit afdoet. Alles wordt bekeken om tot een zo passend mogelijk oordeel te komen."
Peter Lammers
"Daar ligt ook een belangrijke taak voor de politie. Wij maken het gezin van dichtbij mee en kunnen daardoor de hele situatie het best overzien. Elk stukje informatie komt in het dossier terecht, ook als we ‘zomaar’ bij het gezin langsgaan om te vragen hoe het ermee gaat. Als we dus een zaak aandragen bij het OM, kunnen we alle ins en outs uitgebreid met de officier bespreken."
Mariska Wijnbelt
"Politiemensen hebben inderdaad een enorme informatievoorsprong. Het is daarom belangrijk dat zij alle beschikbare informatie verstrekken, maar ook dat de officier zelf doorvraagt. Als het OM zorgvuldige en diepgaande informatie van de politie krijgt, krijgen wij een goed beeld van wat er precies is gebeurd. Die wisselwerking is over het algemeen uitstekend. Het lijntje tussen politie en justitie is zorgvuldig en erg kort."
Peter Lammers
"Samen hebben politie en OM één doel als het gaat om huiselijk geweld: het moet stoppen, onmiddellijk. Tot in de haarvaten van onze organisaties weten we dat we elkaar keihard nodig hebben om dat doel te bereiken. Beslissingen neem je dus samen. En altijd op basis van de informatie die op dat moment voorhanden is. Moet je direct tot vervolgen overgaan of geef je het gezin nog een kans? Wat vinden de betrokkenen er zelf van en wat is de mening van hulpverleners? Hier wordt nooit, maar dan ook nooit lichtzinnig over gedacht."
Mariska Wijnbelt
"Het is niet te voorkomen dat iemand voor een tweede keer in de fout gaat zoals John, daar zijn we ons allemaal van bewust. Toch moet je onder alle omstandigheden blijven zoeken naar een passende oplossing. Een oplossing waarmee je zo’n gezin echt helpt. Nadat alle feiten waren gewogen kreeg John nog een kans. Dat wilden zijn ouders ook. Toch ging het weer mis, waardoor hij nu nog strakker aan banden is gelegd. Je kunt achteraf zeggen: had hem maar meteen gestraft. Maar daar moeten dan wel voldoende juridische redenen voor zijn en dat was in 2005 niet het geval. Elke zaak bekijk je vanuit alle invalshoeken. Je probeert een gezin te beschermen en tegelijk iemand op het rechte pad te houden. Daarvoor schakel je middelen in die op dat moment het meest geschikt zijn. Dat zijn belangrijke beslissingen, geen kille dossiers. Het dagelijks werk van politie en justitie. Werk dat alleen met de grootste zorgvuldigheid en menselijkheid kan worden uitgevoerd. En dat doen we dan ook, samen."

RSS
Lees voor
