DNA

Grootschalig DNA-onderzoek in moordzaak Reestlaan Meppel
Het Openbaar Ministerie in Assen heeft opdracht gegeven tot een grootschalig DNA-onderzoek in de moord op mevrouw de Kruys-Deen. De 88-jarige vrouw uit Meppel is op 16 juni 2009 in een verzorgingstehuis aan de Reestlaan in Meppel door een misdrijf om het leven gekomen. De politie heeft bij het onderzoek een DNA-spoor van de dader vastgesteld.
Waarom dit onderzoek?
Met het DNA-bevolkingsonderzoek willen Politie en Openbaar Ministerie personen uitsluiten als betrokkene bij dit misdrijf en uiteindelijk de identiteit van de dader van dit misdrijf achterhalen. De traditionele opsporingsmethoden hebben geen verdachte opgeleverd, daarom heeft de officier van justitie opdracht gegeven voor een grootschalig DNA-onderzoek. Het College van procureurs-generaal heeft met het grootschalig onderzoek ingestemd. De uitvoering ligt bij het politiekorps Drenthe en het Nederlands Forensisch Instituut (NFI).
Wie is de doelgroep?
Bij het DNA-bevolkingsonderzoek wordt aan 349 mannen gevraagd om op vrijwillige basis mee te werken aan een DNA-onderzoek. Een DNA-bevolkingsonderzoek wordt gedaan als bij het onderzoek van een ernstig misdrijf niet voldoende aanwijzingen zijn die leiden naar individuele personen, maar er wel aanwijzingen zijn dat de dader tot een bepaalde groep van personen behoort. Het onderzoeksteam heeft de groep van 349 mannen uit Meppel en omstreken op zorgvuldige wijze en op basis van diverse criteria geselecteerd. Een selectiecriterium voor oproep kan zijn dat een persoon drager is van Nike sportschoenen. Ook kan het zijn dat hij op de bewuste avond een treinkaartje heeft gekocht op het NS station in Meppel. De betrokken personen ontvangen een brief waarin wordt gevraagd mee te werken aan het DNA-onderzoek. Medewerking hieraan is vrijwillig. Geen van de mensen die een brief krijgt, is verdachte.
Hoe gaat het in zijn werk?
Met behulp van een borsteltje wordt slijm aan de binnenkant van de mond van de betrokkenen weggenomen. Dit is pijnloos. Het wangslijm wordt anoniem naar het Nederlands Forensisch Instituut gestuurd. Persoonsgegevens worden daar niet bekend gemaakt. Het DNA-profiel wordt uitsluitend vergeleken met het aangetroffen DNA-daderspoor in het onderzoek Reestlaan en niet met andere sporen uit andere onderzoeken. Indien er geen match is, wordt het DNA profiel vernietigd. Hiervan worden de betrokkenen schriftelijk in kennis gesteld.
DNA in relatie tot rechercheonderzoeken
De forensische opsporing heeft in de afgelopen jaren een steeds belangrijkere rol gekregen in het opsporingsproces. Een van de belangrijkste ontwikkelingen is het gebruik van DNA. DNA is de stof waarop de erfelijke eigenschappen van levende organismen zijn gelokaliseerd. In 1988 werd voor het eerst in Nederland gebruikgemaakt van DNA-onderzoek in een rechercheonderzoek. Sinds 1 februari 2005 wordt celmateriaal ten behoeve van DNA-onderzoek afgenomen van personen veroordeeld voor een strafbaar feit waar 4 jaar gevangenisstraf of meer op staat. De inwerkingtreding van deze wet (Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden) heeft voor een forse toename van het aantal daderprofielen in de landelijke DNA-databank gezorgd.
Grootschalig DNA onderzoek
Een van de meest vergaande middelen om daders op te sporen aan de hand van celmateriaal is de inzet van een grootschalig DNA bevolkingsonderzoek. Hierbij worden burgers die niet verdacht zijn, gevraagd vrijwillig DNA af te staan ter vergelijking van een aangetroffen biologisch spoor. Het doel hiervan is het uitsluiten van personen als dader en de identiteit achterhalen van de dader van het misdrijf. Grootschalige DNA-bevolkingsonderzoeken onder niet-verdachten zijn aan voorwaarden gebonden. Zo dient er bijvoorbeeld sprake te zijn van een zeer ernstig misdrijf dat grote maatschappelijke onrust veroorzaakt, moet het onderzoek uitgerechercheerd en geen verdachte hebben opgeleverd.
Wat is er tot nu toe al gedaan met het aangetroffen DNA-pofiel?
Het aangetroffen DNA-profiel is opgenomen in de landelijke DNA-datebank van het NFI in Rijswijk en vergeleken met alle daarin aanwezige DNA-profielen. Het DNA-profiel komt niet voor in de landelijke databank van het NFI. Dit betekent dat het profiel ook werd vergeleken met databanken van de bij het verdrag van Prüm aangesloten en operationele landen. Ook hier vond geen match plaats.

RSS
Lees voor
