Politie.nl Hoofdmenu
Regio Limburg-Zuid

ME nader bekeken

De regendruppels vallen zachtjes naar beneden als Paul (40), hoofdagent bij de basiseenheid Maastricht Centrum en vandaag in functie als ME-er plaats neemt in het achterste gedeelte van de commandowagen oftewel ‘Tupperware’ auto. Met een lengte van 2.03 meter en een gewicht van 108 kilogram is hij beslist geen kleine jongen. Paul lacht. “Met mijn postuur toren ik inderdaad overal bovenuit. Als ME-er kun je daar soms je voordeel mee doen.”

MEPaul en zijn maten van het eerste en tweede peloton zijn voor een driedaagse training in het oefendorp van de ME te Ossendrecht en hebben even tevoren een zoekactie in het bos afgerond. De opdracht was gericht op het vinden van slachtoffers en bewijsmateriaal met behulp van de lange wapenstok. “Het kan immers voorkomen dat we naar aanleiding van een misdrijf een perceel moeten uitkammen”, vertelt Paul. “Daar kun je niet vaak genoeg op trainen. Zeker, werken bij de ME is pittig. ME-ers krijgen tijdens de opleiding bewust stressmomenten aangereikt. Zonder die basisvaardigheden kun je dit werk niet doen.” Paul windt er geen doekjes om. “Ik mag dan wel groot zijn en stoer overkomen, maar ik ken mijn zwakke kanten als geen ander. Neem nou op hoogte werken, tja, dat is niet bepaald mijn favoriete onderdeel. Daar maak ik geen geheim van.” Paul leunt voorover. “Wij teamleden kennen elkaar door en door; je collega’s steunen tijdens voor hem of haar moeilijke momenten; dat is iets wat je gewoon voor elkaar doet.”

Ard (50),
chef CCB en voormalig pelotonscommandant, kan één en ander beamen. “Werken bij de ME betekent ook dat je buiten je normale denkpatroon moet gaan. Onze tactiek is erop gericht het ‘meppen’ zo lang mogelijk uit te stellen. Dat betekent keuzes maken, creatief denken. Het is juist de samenwerking waar het om gaat en de kracht die je voelt van de verschijningsvormen van de ME. Als de ME in frontformatie voor je staat met de ME voertuigen erachter, dan is dat behoorlijk indrukwekkend. Urenlang in een linie staan, is trouwens behoorlijk afzien. Soms hoor je wel eens een chef zeggen dat de ME oefendagen meer een vakantie is. Als je echter eenmaal een ME-oefening hebt meegemaakt, dan weet je dat het wel even anders is. Het zijn vaak pittige oefeningen, zowel mentaal als op het fysieke vlak. Er wordt flink afgezien tijdens de oefendagen en hoewel het vandaag stevig regent, was het gisteren nog broeierig warm. Bij een enkeling ging gisteren tijdens het oefenen zelfs even het spreekwoordelijke licht uit. Een gevolg van vochtverlies en oververhitting in combinatie met de stevige beschermende kleding.”

ME

Daniëlla (34),
hoofdagent bij de basiseenheid Maastricht West, veegt haar nat geregende haren uit het gezicht, maar heeft er duidelijk zin in. “Wat een dag hè. Dan te bedenken dat deze week met het mooiste weer begonnen is. Alhoewel, met 30 graden een traangasoefening doen is ook afzien.” Ze vertelt. “Werken bij de ME is me op het lijf geschreven. Vroeger ging ik regelmatig naar voetbalwedstrijden. Ik ben voetbalgek snap je. Alleen, tijdens wedstrijden had ik meer oog voor de ME-ers dan voor het voetbal zelf. Mijn ouders zeiden altijd, Daniëlla, je bent
net een halve jongen.” De motoragente grijnst. “Toch voel ik me hartstikke vrouwelijk. Weet je dat ik de eerste vrouwelijke ME chauffeur in Limburg ben?”, vertelt ze met een zekere trots. “Chauffeur zijn is een vak apart. Ik voel me erg verbonden met de rest van het team en leef altijd mee met de jongens op locatie. Als zij in actie zijn, is het de taak aan mij om precies op het juiste moment op de juiste plek te verschijnen. Als dat lukt, geeft dat een voldaan gevoel. Het is gewoon een kwestie van op elkaar op aankunnen toch Seksisme? Ach, dat valt hartstikke mee. Als je het mij vraagt is het op onze werkplek niet anders dan op elke werkvloer. Nee, de sfeer in onze groep is goed.

Kijk, lichamelijk zijn wij vrouwen dan wel anders en in de minderheid, maar daar ga ik persoonlijk heel gemakkelijk mee om. Plastuiten hebben wij vrouwelijke ME-ers niet nodig.” Heemskerk voelt zich helemaal thuis bij de ‘club’. “Weet je wat grappig is? Als ik thuis kom van een oefening zegt mijn vriend steevast: Daniëlla, je bent weer een graadje te ruig.”

Sjef (48),
hoofdagent bij de meldkamer en verbindingsman bij de ME draait al heel wat jaartjes mee en heeft een geheel eigen filosofie. “Ik geloof best dat ME-ers zich soms wat ondergewaardeerd voelen. Zelf heb ik daar geen last van”, legt hij uit. “Als je het mij vraagt, overheerst er grotendeels plezier tijdens de job. Natuurlijk is het aanpoten maar de saamhorigheid en het teamgevoel maken dat het werken bij de ME voor de meesten van ons een super afwisseling vormt naast de dagelijkse werkzaamheden binnen het korps.”

ME

René (45)
van de basiseenheid Kerkrade, voelt zich absoluut niet ondergewaardeerd. “Wat mij vooral bevalt, is de andere commandostructuur. Ik vind het prettig een specialisatie te hebben, wil niet vastroesten. Wat dat betreft zit ik bij de ME helemaal goed. Natuurlijk krijg je te maken met een hoop agressie, maar dat weet je van tevoren. Als je stenen en bierflessen om de oren vliegen tijdens voetbalrellen dan is dat absoluut heftig.” René denkt na. “Ik moet ineens denken aan onze inzet toen Jeanny Wagemans uit Born werd vermist. Dat raakt je. Ook ME-ers, begrijp je. Mensen zien ons dan wel vaak als stoere binken maar wij hebben ook gevoel. Zijn in het dagelijkse leven gewone dienders met een platte pet! Vermiste personen opsporen staat in geen vergelijking tot bedwingen van rebellerende voetbalsupporters.”

Öskan (34),
van Heerlen Noord komt met zijn donkere ogen en koperkleurig tintje door zijn hippe kapsel over als een vrolijke vrijgevochten vogel. “Ik ben één van de weinige Turken die Limburgs dialect spreekt”, lacht hij en legt zijn ME-pet op tafel. “ME-werk is te gek”, vindt Öskan. “Even weg van de vaste werkplek, dat doet goed. Ik ben iemand die dat nodig heeft. Wat ik maf - en tegelijkertijd ook prettig - vind, is dat je van solistische agent plots een kuddedier wordt. Natuurlijk, inzetten kun je niet afdwingen. Wat mij betreft zouden we vaker moeten kunnen trainen. Zo’n busprocedure bijvoorbeeld is voor mij een best klinische situatie, dit in tegenstelling tot wat op straat gebeurt. ME-ers in de praktijk krijgen immers te maken met storende factoren, dingen die je tijdens een oefening niet altijd kunt simuleren. Dan vraag ik me wel eens af hoe dat in de praktijk uitpakt.”

ME

Berend (50),
pelotonscommandant van het 1e peloton lijkt zich niet te storen aan de regen die onverminderd doorgaat. Met natte nek en doorweekt uniform straalt hij op één of andere manier een ongekende rust uit. “Sinds kort ben ik werkzaam als Chef B.E. Geleen en heb 58 mensen onder me. Toen ik twee jaar geleden werd gevraagd pelotonscommandant te worden was ik tegelijkertijd vereerd en overdonderd. Ondanks het feit dat de meeste pelotonscommandanten jonger zijn dan ik voel ik me beslist geen ‘ouwe bok’. Okay, ik ben dan wel 50 maar ik geniet. Ik geniet van de acties, van de oefendagen. Anderzijds is werken bij de ME geen vrijetijdsclubje. Dat neemt niet weg dat ik me best heb afgevraagd ‘Berend, wat ga je nu weer aan?’ Als de plicht roept, roept de plicht. Als ik me prettig voel, staat mijn vrouw achter me. In elke actie zit het ongewisse. Werken bij de ME is denken in scenario’s. Stel dit, stel dat. Heb je niks bedacht, dan heb je een probleem.” De Jonge is trots op zijn eenheid. “Als het er op aankomt, hebben wij in Limburg Zuid een ME die er staat! Wees eerlijk, Bush, Vinkenslag, de Schinveldse bomenkap, dat zijn geen kleine klussen. Daarentegen, de ontlading na het nemen van een barricade is als een kleine overwinning. Dat is toch prachtig?”

ALGEMENE GEGEVENS Telefoon
0900-8844
Postadres
Postbus 1230
6201 BE Maastricht
E-mail
Stuur een e-mail

 


 


Veilige Buurten

www.Politienieuws.TV

Laatst gewijzigd 09-10-2007 18:12 |  © Regio Limburg-Zuid |  Privacy |