Ga naar content

Wetsvoorstel geweldsaanwending politie naar Tweede Kamer

Laatste update:

Nederland - Minister Van der Steur van Veiligheid en Justitie stuurde op vrijdag 23 december het wetsvoorstel Geweldsaanwending Opsporingsambtenaar naar de Tweede Kamer. Deze aanpassing legt voor het eerst de bijzondere juridische positie vast van agenten die geweld moeten toepassen tijdens de uitoefening van hun functie. Het wetsvoorstel maakt deel uit van de stelselherziening geweldsaanwending, gericht op het zowel intern als extern toetsen van politiegeweld.

Detailopname van uniformen

Op dit moment maakt de wet geen onderscheid tussen burgers die geweld gebruiken en politiemensen die dat doen. Daardoor beoordeelt justitie de politieagent en een gewelddadige burger aan de hand van dezelfde wetsartikelen, terwijl agenten soms geweld moeten gebruiken omdat hun werk het vereist. Net als de minister willen het Openbaar Ministerie, de Koninklijke Marechaussee, de korpsleiding en de politievakorganisaties het mogelijk maken om ook op basis van het Wetboek van Strafrecht zorgvuldig het geweld te toetsen dat de politie pleegt in het kader van haar taakuitoefening. Dat vereist uitbreiding van de wet met een artikel dat specifiek bedoeld is voor mensen met een geweldsbevoegdheid. De centrale vraag luidt dan: heeft de politiemedewerker geweld toegepast volgens de hiervoor geldende regels?

 

 

Verantwoording afleggen

Korpschef Erik Akerboom beschouwt de wetswijziging als een doorbraak: ‘Onze taakuitoefening hoort centraal te staan. De politie moet soms ingrijpen bij complexe en gewelddadige situaties. Daar willen wij primair op beoordeeld worden. Deze aanpassing maakt dat in de toekomst mogelijk. Als daartoe aanleiding bestaat, behoudt het Openbaar Ministerie uiteraard het recht om politiemedewerkers – net als burgers – te vervolgen voor doodslag of een poging daartoe. Slachtoffers kunnen daar onverminderd voor pleiten via de zogenaamde artikel 12-procedure. Evenmin wijzigt het afleggen van verantwoording voor het toegepaste geweld. De maatschappij mag en kan erop vertrouwen dat wij professioneel omgaan met onze geweldsbevoegdheid. Deze wetswijziging maakt nog explicieter wanneer wij deze bevoegdheid mogen dan wel moeten inzetten en stelt ons in staat om aan de samenleving nog transparanter uit te leggen waarom wij in bepaalde situaties geweld toepassen.’