Ga naar content

Verwaarloosde honden in bewaring genomen, eigenaar aangehouden

Laatste update:

Hulten - Tijdens een gezamenlijke inspectie van medewerkers van politie en gemeente op een terrein met bebouwing aan de Hulteneindsestraat zijn dinsdag 1 november 2016 zes honden in bewaring genomen. Het besluit volgde nadat was vastgesteld dat de huisvesting en verzorging van de dieren onvoldoende was. De eigenaar, een 51-jarige Tilburger, wilde zich niet neerleggen bij deze beslissing. Hij werd uiteindelijk voor belediging en verzet aangehouden.

Verwaarloosde honden gevonden

Een agente van de dierenpolitie stelde gisteren samen met twee collega’s en een medewerker van de gemeente Gilze en Rijen, een inventariserend onderzoek in op het terrein. Ze zagen dat naast het toegangshek twee honden in een door ontlasting en urine vervuilde ren zaten.  De hokken waren voorzien van een golfplaten dak maar verder aan alle kanten open. De dieren zitten daardoor tijdens een regenbui niet beschut.  In een woonwagen zaten twee honden in een kleine bench. De wagen rook sterk naar ontlasting, de vloer lag er vol mee. In een apart gedeelte van de woonwagen lag een pitbull teef met acht puppy’s. Verder op het terrein stond nog een ren met daarin twee labradors. Ook deze ruimte was door ontlasting en een soort van vulling sterk vervuild. In een andere schuur lag nog een hond met puppy’s.

In bewaring

De dierenagente heeft contact opgenomen met de Landelijke Inspectie Dienst Dierenbescherming die na afstemming met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland opdracht gaf om zes honden bestuursrechtelijk in bewaring te nemen. Een daartoe aangewezen opslaghouder heeft de dieren overgenomen. De eigenaar van de honden werkte dit tegen. Hij liep met een van de honden richting spoorzijde en dreigde te springen. Hij werd nadat hij de dienders meerdere keren had uitgescholden en beledigd aangehouden en in verzekering gesteld.  Hij wordt ook verdacht van overtreding van de Wet Dieren. Vandaag zijn agenten opnieuw naar het terrein gegaan om te vast te stellen welke maatregelen voor de overgebleven dieren noodzakelijk zijn.