Ga naar content

Meer eenduidigheid in registratie politiegeweld

Laatste update:

Nederland - De cijfers over 2016 wijzen op een lichte afname van het geweld dat de politie moet toepassen. De politie is echter nog voorzichtig met het trekken van conclusies hierover. Binnen de eenheden van de politie wordt politiegeweld nog op verschillende manieren geregistreerd. Daar komt verandering in.

Aanhouding winkeldief

Met de Stelselherziening Geweldsaanwending Politie beoogt de politie meer dan het aanpassen van het Wetboek van Strafrecht en de Ambtsinstructie. Dit project moet tevens leiden tot een landelijk eenduidige verantwoording van geweld dat agenten vanwege hun werk inzetten. Het proces van melden, registreren en beoordelen hoort in het hele korps uniform te verlopen. Dit stroomlijnen van verantwoording afleggen, draagt eraan bij dat burgers het politieoptreden als legitiem blijven ervaren en geeft gevolg aan de maatschappelijke roep om meer transparantie bij het uitoefenen van het geweldsmonopolie.

Landelijke standaard

Het korps streeft na om medio 2018 de nieuwe regelgeving en werkwijze toe te passen. Dit maakt het onder meer mogelijk om cijfers van de verschillende korpseenheden met elkaar te vergelijken. Een landelijk geldende standaard voor de definities en registraties van politiegeweld verhoogt immers de betrouwbaarheid en bruikbaarheid van de statistische gegevens. Het korps neemt trends eerder waar en kan daardoor medewerkers beter uitrusten, weerbaar maken en adviseren over de juiste keuzes wanneer geweld onvermijdelijk is. 

Cijfers per eenheid

Tot en met 2017 publiceert de politie deze analyse nog op de gebruikelijke wijze: de aantallen geweldsaanwendingen gerubriceerd per eenheid. Bij de totstandkoming van de totaalcijfers spelen meerdere vormen van geweldsregistratie een rol. De cijfers zijn daardoor op eenheidsniveau betrouwbaar, maar bieden onvoldoende aanknopingspunten voor landelijke geldende conclusies. In de onderstaande overzichten staan de totale en per eenheid uitgesplitste meldingen van geweld door de politie in de periode 2014 tot en met 2016:

cijfers 2016 cijfers 2016

Eenheid Amsterdam

In groepsverband toegepast geweld – zoals tijdens ME-optreden – wordt binnen de Eenheid Amsterdam door iedere politiemedewerker afzonderlijk geteld en verantwoord. Andere eenheden doen dat per incident soms individueel en soms collectief. Ook al laten de eenheidscijfers zich mede hierdoor slecht vergelijken, toch valt globaal te constateren dat de politie vorig jaar tien procent meer geweld inzette ten opzichte van 2015. De stijging komt door het aantal bij de Eenheid Amsterdam. De extra aandacht die de eenheid sinds vorig jaar besteedt aan het zo compleet mogelijk vastleggen van zulke gegevens en het hanteren van een eigen registratiesysteem vormen hiervoor een verklaring. De gezamenlijke cijfers van de overige eenheden tonen vergeleken met 2015 een daling van drie procent.

Verhalen achter de cijfers

In het kader van de Stelselherziening Geweldsaanwending Politie krijgt het leren van noodzakelijk geweld prominent de aandacht. Om die reden ambieert de politie bij het vaststellen van de jaarcijfers nadrukkelijk meer dan louter het opleveren van spreadsheets en tabellen. Het korps wil concreet aan de slag met de praktijkverhalen achter de cijfers. Denk aan de relatie tussen geweld door en tegen de politie, het schieten op een rijdend voertuig en de maatschappelijke verruwing waarmee agenten zich geconfronteerd zien. 

Goede werkgever

Op deze wijze kan het korps enerzijds vroegtijdiger inspelen op bewegingen in de samenleving. Anderzijds stelt het de politie in staat om haar verantwoordelijkheden als goede werkgever effectiever waar te maken. Bijvoorbeeld door de uitrusting en weerbaarheid te verbeteren en bestaande gaten in de geweldsspiraal te dichten met de introductie van onder meer de uitschuifbare wapenstok en het stroomstootwapen. Momenteel testen agenten deze middelen in de praktijk uit