Ga naar content

Vragen en antwoorden afronding intern onderzoek zaak Mitch Henriquez

In onderstaande vraag-en-antwoordoverzicht vindt u antwoord op de vragen die ons onder andere via social media en het landelijke telefoonnummer 0900-8844 bereiken. Afhankelijk van de ontwikkelingen wordt deze lijst nog aangevuld.

Inhoudsopgave

Wat is een intern onderzoek?

Een intern onderzoek is een onderzoek naar de feiten van een incident met als doel vast te kunnen stellen of er mogelijk sprake is van plichtsverzuim. Een intern onderzoek biedt de politie als werkgever de mogelijkheid om alle relevante feiten van individuele gedragingen zo helder mogelijk op tafel te krijgen. Het onderzoek schetst een zo volledig mogelijk beeld van het incident, waarbij zowel belastend als ontlastend materiaal wordt verzameld en vastgelegd.

Wie heeft het interne onderzoek uitgevoerd?

Voor het onderzoek is onder leiding van Veiligheid Integriteit en Klachten een expert-groep samengesteld bestaande uit deskundigen op het gebied van Operationele Begeleiding en Training (Eenheid Rotterdam), Politie Instituut Openbare orde en Gevaarsbeheersing (Politieacademie), Leiding/Mobiele Eenheid  (Noord-Holland Noord), Conflict en Crisisbeheersing/Mobiele Eenheid/Paraat Peloton (Den Haag) bedrijfsartsen (korpsleiding/Koninklijke Marechaussee), juristen team Arbeidszaken (Den Haag/Utrecht).

Naast het strafrechtelijk dossier en de videobeelden is door de onderzoekers van VIK ook zelfstandig onderzoek uitgevoerd wat uiteindelijk heeft geleid tot een onderzoeksrapport.

Het uiteindelijke, meer dan 3.200 pagina’s tellende, onderzoeksrapport is vervolgens ter advies voorgelegd aan Team Arbeidszaken die een advies hebben geschreven omtrent het mogelijke plichtsverzuim. Bij het schrijven van dit advies is ook de landsadvocaat betrokken.

Wat is het verschil tussen het onderzoek van het Openbaar Ministerie (OM) en dat van de politie?

Er geldt er een ander afwegingskader tussen strafrecht en tuchtrecht. Een gedraging kan bijvoorbeeld niet strafbaar zijn volgens het strafrecht, maar wel in strijd met interne richtlijnen. In algemene zin geldt dat ook als er niet strafrechtelijk vervolgd wordt, er wel sprake kan zijn van plichtsverzuim. Dat zien we nu ook in deze zaak. Het OM vervolgt twee agenten maar bij vier van de vijf is er sprake van (ernstig) plichtsverzuim. 

Hoe is dit besluit tot stand gekomen? Welke overwegingen spelen een rol?

Het onderzoek richtte zich op de omstandigheden waaronder de aanhouding plaatsvond, het dreigingsbeeld, de naleving van voorschriften zoals de ambtsinstructie en de regelgeving voor de toepassing van politiegeweld, en op het handelen van de individuele agenten.

Overwegingen die een rol hebben gespeeld bij de totstandkoming van dit besluit zijn:

  • de mate van het door drie agenten toegepaste geweld voldeed niet aan de eisen die de politie in acht moet nemen bij het toepassen van geweld
  • twee agenten geen buitenproportionele geweldshandelingen hebben verricht
  • de hulpverlening niet conform de Ambtsinstructie is geweest
  • de verwijtbare schuld en/of nalatigheid van de agenten
  • geen van de agenten had de intentie Henriquez naar het leven te staan of ernstig te mishandelen
  • geen van de agenten is ooit eerder disciplinair gestraft
  • in het optreden sturing en coördinatie van het optreden ontbrak
  • de agenten zijn ruim anderhalf jaar buiten functie gesteld hetgeen grote impact heeft gehad op de agenten en hun gezinnen
  • van de politie wordt verwacht dat zij een stap naar voren doen waar anderen juist zouden weglopen. Terugtrekken was op het betreffende moment geen optie, ze hadden te maken met een mogelijk vuurwapengevaarlijke verdachte bij een druk evenemententerrein

Bij alle vier de agenten is volgens het interne onderzoek sprake van ernstig plichtsverzuim, waarom dan verschillende straffen?

De wijze waarop de agenten hebben gehandeld, de mate van geweldstoepassing en de verwijtbaarheid van het gedrag verschilt per individu. Daarom zijn de straffen ook verschillend.

Wat betekenen de opgelegde maatregelen voor de straffen die de agenten eventueel in de strafrechtelijke procedure opgelegd kunnen krijgen?

Het interne onderzoek van de politie en de strafrechtelijke procedure zijn twee aparte processen. Het is aan de rechter om te bepalen of de genomen disciplinaire maatregelen meegewogen worden in zijn vonnis.

Waarom wacht de politie het verloop van het strafproces niet af?

Het tuchtrechtelijk proces (intern onderzoek) staat geheel los van het strafrechtelijk proces. De politie dient in een disciplinaire procedure (tuchtrecht) zelfstandig te komen tot een oordeel. Volgens het bestuursrecht mag de politie niet afwachten en moeten zaken voortvarend worden afgehandeld.

Voor een buitenfunctiestelling dient er sprake te zijn van ene verdenking van mogelijk ernstig plichtsverzuim. Nu de tuchtrechtelijke procedure is afgerond, is de grond voor een buitenfunctiestelling komen te vervallen. Het langer buiten functie stellen van de politiemensen zou onrechtmatig zijn.

Wat is voorwaardelijk strafontslag?

De medewerker krijgt ontslag, maar dit wordt niet uitgevoerd, tenzij de medewerker zich binnen een vastgestelde periode (in dit geval één jaar na uitreiking van het besluit) wederom schuldig maakt aan (ernstig) plichtsverzuim. 

Gaan de agenten nu gelijk weer de straat op?

Drie agenten keren na een re-integratie traject terug in hun oude functie. Zij moeten opnieuw getraind en gecertificeerd worden om weer op straat te kunnen functioneren.

Twee agenten zullen voor de duur van het strafproces in eerste en tweede aanleg, niet met geweldsmiddelen op straat werkzaam zijn. Ook met hen wordt een re-integratietraject gestart.

Tijdens het re-integratietraject wordt gekeken of de betrokken agenten nog steeds geschikt zijn voor het uitvoerend politiewerk. Zaken waar onder andere naar gekeken worden zijn weerbaarheid en mentale stabiliteit van betrokkene.

Wat is de impact van het besluit binnen de Eenheid Den Haag?

Het overlijden van Henriquez is voor alle direct betrokkenen een ongekend drama. Niemand heeft dit gewild. Het enorme verdriet van de nabestaanden. De rellen in de Schilderswijk. De vijf betrokken collega’s die al 1,5 jaar in onzekerheid thuis zitten. Agenten die niets met deze zaak te maken hadden werden bedreigd. En ook de politieorganisatie als geheel die te maken kreeg met zowel steun als kritiek. Politiewerk is complex. Dat bewijst ook deze zaak. In een fractie van een seconde moet worden besloten hoe er wordt opgetreden. Belangrijk is dat we als politie optreden naar eer en geweten en verantwoording kunnen afleggen over de manier waarop we optreden.

Wat heeft de politie eraan gedaan om te voorkomen dat dit nog een keer kan gebeuren?

Er wordt geïnvesteerd in een Integrale Beroepsvaardigheidstraining (IBT) Nieuwe Stijl. De politie zal in de loop van 2016 en 2017 standaard 42 trainingsuren gaan aanbieden in plaats van de 32 trainingsuren die in het verleden. Naast verhoging van de aangeboden trainingsuren worden de toetsen veel meer praktijkgericht. Ook wordt het leren in de praktijk gestimuleerd. Steeds vaker zullen docenten aanwezig zijn op de werkvloer zodat ook tijdens het dagelijkse werk wordt geleerd. Agenten worden nu intensiever getraind op groepsgewijze aanhoudingen. Ook het toepassen van de nekklemtechniek is opnieuw onder de aandacht gebracht. Verder worden ook in evaluaties andere leermomenten bekeken, waaronder communicatie en bevelstructuren.