Ga naar content

Vragen en antwoorden afronding hoger beroepzaak Mitch Henriquez

In onderstaande vraag-en-antwoordoverzicht vindt u antwoord op de vragen die ons onder andere via social media en het landelijke telefoonnummer 0900-8844 bereiken. Afhankelijk van de ontwikkelingen wordt deze lijst nog aangevuld.

Inhoudsopgave

Waarom gaan de agenten in hoger beroep?

De agenten vinden dat zij niet schuldig zijn en dus ook geen straf verdienen. Hun advocaten lichten in een korte verklaring toe waarom ze in beroep gaan: 'Beide agenten kunnen zich niet bij enige veroordeling neerleggen', staat op de website van het advocatenkantoor. De verdediging wil dan ook dat de agenten helemaal worden vrijgesproken. 
Zowel de nabestaanden als de agenten hebben aangegeven dat ze de zaak willen afsluiten. Agent DH01 vroeg zich tijdens zijn laatste woord af: 'Hoe lang gaat dit nog duren, wanneer is deze nachtmerrie voorbij?'  Een kans op mogelijke vrijspraak weegt voor de agenten dus zo zwaar, dat zij een hoger beroep verkiezen boven afsluiting.

Kunnen de agenten alsnog de cel in?

Ja, dat kan. Het gerechtshof maakt een eigen afweging en spreekt ook een eigen vonnis uit. Het Hof kan dus een hogere straf opleggen. De agenten werden aangeklaagd voor doodslag. Maar de rechter achtte dat niet bewezen. De rechtbank legde de agenten een voorwaardelijke celstraf van zes maanden op, met een proeftijd van een jaar voor mishandeling met de dood tot gevolg.

Kunnen de agenten alsnog worden ontslagen als het Hof de twee betrokkenen veroordeelt tot onvoorwaardelijke gevangenisstraf?

Een politiemedewerker kan worden ontslagen in geval van een onherroepelijk geworden veroordeling tot een vrijheidsstraf wegens een misdrijf.

De brief van voormalig korpschef Bouman aan betrokken agenten wordt door de politie beschouwd als een uitspraak van het bevoegd gezag dat in dit geval ook bij een strafrechtelijke (onherroepelijke) veroordeling geen ontslag wordt verleend. Dat impliceert dat de agenten een functie kunnen blijven vervullen bij de politie. Het is aan het bevoegd gezag te beslissen welke functie dat is/zal zijn. Het behoort tot de mogelijkheden de agent andere, passende functie op te dragen (al dan niet binnen de eenheid).

Zijn de twee agenten nog aan het werk bij de politie?

Na een intensief re-integratie traject zijn de agenten (deels) weer aan het werk. De agenten zijn geplaatst in functies waarbij zij geen publiekscontact hebben. Om de privacy van de betrokkenen te waarborgen kunnen we geen verdere uitspraken doen over  het werk dat de agenten op dit moment uitvoeren.

Blijven de agenten anoniem tijdens de rechtszaak?

Het Haagse hof heeft bepaald dat ook in hoger beroep de beide agenten anoniem terecht zullen staan. Het OM zegt daarover:  ‘Dat er geen incidenten zijn geweest, zegt niets. Die kunnen wel gebeuren als de anonimiteit wordt opgeheven. We willen geen onnodige risico’s nemen.'

Wanneer mag de politie geweld gebruiken?

Het geweldsmonopolie van de overheid is belegd bij de politie en de krijgsmacht. Dit betekent dat de politie de bevoegdheid heeft om geweld te gebruiken. Maar het gebruik van geweld moet wel aan een aantal regels en voorwaarden voldoen. Die staan beschreven in de politiewet en in de Ambtsinstructie.
Zo mag er alleen geweld gebruikt worden als er geen andere opties zijn. Helpt praten of is een wapenstok nodig of moet er naar een vuurwapen worden gegrepen? De politieagent maakt de afweging of geweld kan en mag worden ingezet  op basis van artikel 7 van de Politiewet, al dan niet met gebruik van geweldsmiddelen, zoals beschreven in de Ambtsinstructie. Daarnaast moet het gebruik van geweld in verhouding staan tot het incident. De politie mag ook niet meer geweld gebruiken dan nodig, zoals beschreven in de Ambtsinstructie. Aan het gebruik van geweld gaat zo mogelijk een waarschuwing vooraf. Deze regels en voorwaarden staan beschreven in de Politiewet en de Ambtsinstructie. Voor meer informatie: https://www.politie.nl/themas/politiegeweld.html

Welke aanpassingen heeft de politie gemaakt in de training van de nekklem?

De Inspectie Veiligheid en Justitie publiceerde op 22 maart 2016 haar rapport over het gebruik van de nekklem. Als controletechniek moet de nekklem volgens dit rapport toegestaan blijven. Politie, Koninklijke Marechaussee en Dienst Justitiële Inrichtingen dienden wel een standpunt in te nemen over de nekklem als verwurgingstechniek en dit te verwerken in de opleidingen. De politie heeft de training daarop aangepast. De verwurgingstechniek wordt niet meer gedoceerd omdat er, zelfs bij intensieve training, te veel risico’s aan kleven.

Geweld toepassen dient altijd proportioneel te zijn. Aan de nekklem als fysieke controletechniek, waar een arm om de nek van een persoon gelegd wordt, zijn nauwelijks risico’s verbonden – mits technisch correct toegepast. Daarom wordt aan deze techniek in trainingen meer aandacht besteed. Omdat in een gevechtssituatie het risico bestaat dat de controletechniek verandert in een verwurgingstechniek, waarbij de luchtpijp of beide slagaders worden afgekneld, gaan de trainers nadrukkelijk op dit verschil in en wijzen ze op de gevaren.

Daarnaast is er meer aandacht gekomen voor de regierol bij geweldstoepassing. Politiemensen komen in onverwachte situaties terecht, waarbij zij fysiek moeten ingrijpen. Bijvoorbeeld een alarmmelding of verzoek om versterking. Het optreden als groep staat daarom tegenwoordig eveneens op het trainingsprogramma. Daarbij neemt steeds één politiemedewerker de regierol op zich om het overzicht te bewaren. Zo zien agenten ook in hectische situaties of de betrokkene zich nog steeds verzet tegen de aanhouding, maar ook of deze zich probeert te ontworstelen aan verstikking. Dit voorkomt hachelijke situaties.