Regels voor gebruik mobiele telefoon en andere mobiele apparaten in het verkeer
Het is verboden om een smartphone vast te houden, terwijl u een voertuig bestuurt. Dus ook op de fiets. Een mobiel apparaat in de hand leidt af terwijl u alle aandacht op de weg moet houden om ongelukken te voorkomen. Ook de telefoon tussen je oor en schouder klemmen wordt door de rechter gezien als 'vasthouden' en is een overtreding. Het maakt niet uit waarvoor je de telefoon gebruikt; je hoeft niet eens contact met een ander te hebben.
Het verbod geldt niet alleen voor de mobiele telefoon, maar voor alle mobiele apparaten zoals bijvoorbeeld zoals navigatiesystemen, tablets of muziekspelers.
In principe wordt u bij overtreding van dit verbod staande gehouden. Het kan echter zijn dat een agent vanwege een dringende melding ervoor kiest u niet staande te houden. Later kunt u toch een bekeuring krijgen, omdat het ook mogelijk is om te bekeuren op kenteken. De agent moet dan wel duidelijk maken wat hij of zij heeft gezien en waarom u toen niet werd staande gehouden.
Als u met de auto of een ander (motor)voertuig, ook de fiets, stilstaat (bijvoorbeeld bij het rode verkeerslicht), dan mag u de telefoon met de hand gebruiken. U bent dan immers niet aan het rijden. Maar als het voertuig in beweging komt en u houdt de telefoon nog steeds vast, dan is er sprake van 'rijden' en kunt u een bekeuring krijgen. Ook als u net optrekt, heel langzaam gaat of fietst.
Een mobiele telefoon gebruiken, terwijl die in een houder staat, is toegestaan. U belt dan handsfree. Als het bedienen van de telefoon gevaarlijk weggedrag oplevert, kunt u een bekeuring krijgen. Maar let op, ook bij handsfree gebruik van uw telefoon kunt u worden afgeleid.