Soorten onderzoek
Intern onderzoek is een verzamelterm voor alle vormen van onderzoek naar gedragingen door medewerkers die in vaste of tijdelijke dienst van de politie zijn. Op deze pagina vindt u uitleg over de onderzoeken die ingesteld worden door de onderzoekers van de afdelingen Veiligheid, Integriteit en Klachten (VIK) binnen de politie-eenheden en het Landelijk Team Interne Onderzoeken (LTIO) en die onder andere vallen onder het bereik van het Protocol voor onderzoek in disciplinaire zaken 2024.
Bij een melding over het gedrag en handelen van een politiemedewerker vindt triage plaats. Op basis van de uitkomst wordt besloten wat het vervolg op de melding is. Het kan zijn dat er een onderzoek moet komen.
Er zijn vijf soorten onderzoek:
- Oriënterend onderzoek is een verkennend vooronderzoek dat uitgevoerd wordt door VIK of het LTIO;
- Lijnonderzoek is een eenvoudig onderzoek naar een vermoeden van plichtsverzuim en wordt uitgevoerd door een leidinggevende;
- Disciplinair onderzoek is een onderzoek naar een vermoeden van plichtsverzuim dat wordt uitgevoerd door VIK of het LTIO;
- Strafrechtelijk onderzoek. Onderzoek in verband met de verdenking van een strafbaar feit dat wordt uitgevoerd door VIK of de Rijksrecherche;
- Feitenonderzoek geweldsaanwending. Hier onderzoekt het VIK of de Rijksrecherche of het door de politie gebruikte geweld klopt met de geweldsinstructie.
Oriënterende, lijn- of disciplinair onderzoek vindt plaats onder het bevoegd gezag van de politie. Bij een strafrechtelijk of feitenonderzoek vindt het onderzoek plaats onder leiding van de officier van justitie.
Tegelijk disciplinair en strafrechtelijk onderzoek
Het is mogelijk dat een disciplinair en een strafrechtelijk onderzoek tegelijk plaats vinden. Maar vaak wordt gewacht met disciplinair onderzoek totdat het strafrechtelijk onderzoek is afgerond. Informatie uit het strafrechtelijk onderzoek mag namelijk onder voorwaarden ook gebruikt worden in een disciplinair onderzoek. Informatie uit een disciplinair onderzoek mag niet zomaar gebruikt worden in een strafrechtelijk onderzoek. Het kan ook voorkomen dat de officier van justitie na strafrechtelijk onderzoek beslist dat een andere instantie of aanpak beter geschikt is dan een strafvervolging.
Zowel disciplinair als strafrechtelijk straffen
Het kan zijn dat na onderzoek zowel een disciplinaire straf als een strafrechtelijke straf volgt. De officier van justitie kan een medewerker strafrechtelijk vervolgen en de rechter kan een straf opleggen. Daarnaast kan een politiechef of directeur die medewerker ook nog eens disciplinair bestraffen voor hetzelfde gedrag. De rechter kan een medewerker immers niet ontslaan en een politiechef kan geen gevangenisstraf opleggen. Ook kan het voorkomen dat de officier van justitie na strafrechtelijk onderzoek beslist dat een andere instantie of aanpak beter geschikt is dan een strafvervolging.