Ga naar content

Bevoegdheden politie

De politie heeft bepaalde bevoegdheden die burgers niet hebben. Zo mag een politieagent bij een alcoholcontrole naar uw identiteitspapieren vragen. Of agenten kunnen, met een huiszoekingsbevel en gebonden aan bepaalde voorwaarden, een onderzoek doen in een woning.

Inhoudsopgave

Welke bevoegdheden heeft de politie?

• identiteitscontrole;
• tassencontrole;
• aanhouden en staandehouden;
• harder rijden in het verkeer;
• met signaallicht en sirene rijden;
• geweld gebruiken;
• onderzoek verrichten in een woning met een huiszoekingsbevel;
• telefoon tappen;
• personen observeren.

Deze bevoegdheden zijn aan zeer strenge regels gebonden. Sommige bevoegdheden mag de politieagent zelf toepassen. Zwaardere opsporingsbevoegdheden, zoals een telefoon tappen, iemand observeren of een woning doorzoeken (huiszoeking) mogen pas worden toegepast na toestemming van de officier van justitie of de rechter-commissaris.

Waarom heeft de politie vrijstelling van verkeersregels?

De politie heeft een wettelijke vrijstelling gekregen om van de algemene verkeersregels af te wijken, als dit nodig is voor het werk. In de vrijstelling staat dat de ambtenaar van politie vrijstelling heeft van de bepalingen in het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990.

Van welke verkeersregels mag de politie afwijken?

De politie heeft vrijstelling van alle artikelen uit het Reglement Verkeersregels & Verkeerstekens (RVV). Dit betekent dus bijvoorbeeld dat de politie de maximumsnelheid mag overschrijden. Ook mag de politie bijvoorbeeld:

  • doorrijden bij een rood verkeerslicht;
  • rijden over de vluchtstrook;
  • rijden op plaatsen waar anderen dit niet mogen zoals een trambaan, busbaan en stoep;
  • inhalen over een doorgetrokken streep;
  • parkeren of stilstaan waar dit voor anderen verboden is.

Daarnaast zijn er voorwaarden aan de vrijstelling verbonden:

  • de verkeersveiligheid mag niet in gevaar komen;
  • het gebruik van de vrijstelling is gezien de situatie noodzakelijk.;
  • de voorschriften van de Brancherichtlijn Verkeer Politie worden nageleefd.

Wat staat er in de Brancherichtlijn Verkeer Politie?

In deze brancherichtlijn staan afspraken over hoe politiemensen zich moeten gedragen in het verkeer. Er staat bijvoorbeeld in wanneer ze de maximumsnelheid mogen overschrijden of wanneer ze met zwaailichten en sirene mogen rijden. Ook staat er in deze richtlijn wat voor opleiding ze moeten hebben om op deze manier door het verkeer te mogen rijden.

Mag de politie zomaar te hard rijden met zwaailichten en sirene?

De politie gebruikt zwaailichten en sirene voornamelijk bij spoedeisende situaties. Om snel ter plaatse zijn, wordt er dan vaak hard gereden. Dit betekent niet dat politieagenten roekeloos mogen rijden, of dat ze het overige verkeer in gevaar mogen brengen. Uiteraard kunt u over roekeloos verkeersgedrag van de politie een officiële klacht indienen.

Gebruikt de politie altijd zwaailichten en sirene in het verkeer bij een spoedgeval?

De politie mag uitsluitend met toestemming van de meldkamer gebruikmaken van optische en geluidssignalen. Deze toestemming vervalt als bijvoorbeeld een andere hulpdienst al op de plek van het incident is aangekomen. Zo kan het dus gebeuren dat een politievoertuig met zwaailichten en sirene een kruising oversteekt, om snel daarna met het normale verkeer verder te rijden. In sommige situaties rijdt de politie met spoed, maar zonder zwaailichten en sirene. Bijvoorbeeld bij gijzelingen, overvallen, inbraken en zelfdodingen. Dit doet de politie om de kans op een heterdaadsituatie te vergroten en daders te kunnen aanhouden, of om te voorkomen dat zaken (nog) ernstiger worden.

Wat moet ik doen als een politievoertuig zwaailichten en sirene gebruikt?

Als een politievoertuig zwaailichten en sirene gebruikt, is het een voorrangsvoertuig. Als weggebruiker dient u dan onder alle omstandigheden het politievoertuig vrije doorgang te verlenen. Bij het gebruik van zwaailicht en sirene is het politievoertuig over het algemeen onderweg naar een spoedgeval.

Wanneer is het gebruik van zwaailichten en sirenes toegestaan?

Hulpdiensten zoals politie, ambulance en brandweer mogen zogeheten optische signalen (blauw zwaailicht) en geluidssignalen (sirene) voeren. De gebruiksregels hiervoor staan in de Regeling optische en geluidssignalen 2009. Wilt u meer weten over soorten zwaailichten en kleuren, kijk dan op de website van de rijksoverheid.

Wanneer mag de politie geweld gebruiken?

De politie is een van de weinige instanties die geweld mag gebruiken. Deze bevoegdheid wordt ook het ‘geweldsmonopolie’ genoemd. Het gebruik van geweld door de politie is aan veel regels en voorwaarden verbonden. Zo mag er alleen geweld worden gebruikt als er geen andere opties zijn. De politie mag ook niet meer geweld gebruiken dan nodig. In geen geval mag politiegeweld als straf worden toegepast. Aan het gebruik van geweld gaat zo mogelijk een waarschuwing vooraf.

Welke wapens heeft een politieagent bij zich?

Een politieagent beschikt over handboeien, een dienstwapen, pepperspray, wapenstok en portofoon. Verder kan een politieagent traangas bij zich hebben. Agenten weten welk wapen zij onder welke voorwaarden of omstandigheden mogen inzetten.

Bekijk ook onderstaande video waarin wordt uitgelegd hoe, wat en waarom de politie rijvaardigheden traint op de openbare weg.

Hier is een YouTube-video ingesloten. Deze kan niet getoond worden omdat u geen cookies accepteert. U kunt de video ook bekijken op http://www.youtube.com/watch?v=pjnskaRiTks