Ga naar content

Internationale misdrijven / oorlogsmisdrijven

Oorlogsmisdrijven, genocide, misdrijven tegen de menselijkheid en foltering: internationale misdrijven en misdaden van de meest ernstige soort. De Nederlandse overheid vindt dat deze misdaden moeten worden onderzocht en de schuldigen gestraft. Het Team Internationale Misdrijven (TIM) van de Dienst Landelijke Recherche (DLR) verricht in samenwerking met het Landelijk Parket strafrechtelijk onderzoek naar internationale misdrijven gepleegd door of tegen personen met de Nederlandse nationaliteit, of personen die in Nederland verblijven.

Inhoudsopgave

Wat zijn internationale misdrijven?

De term ‘internationale misdrijven’ is een verzamelbegrip voor een aantal zeer ernstige schendingen van het internationale recht: genocide, oorlogsmisdrijven, misdrijven tegen de menselijkheid, foltering en gedwongen verdwijningen. Misdrijven als slavernij, vliegtuigkaping en piraterij hebben weliswaar een internationaal karakter, maar zijn geen internationale misdrijven.

Wat doet het Team Internationale Misdrijven en waarom?

Internationale misdrijven zijn misdrijven van de meest ernstige soort. Daders van internationale misdrijven moeten worden opgespoord en berecht, waar ze zich ook bevinden en ongeacht hun nationaliteit. In Nederland willen we voorkomen dat slachtoffers van internationale misdrijven die als vluchteling naar ons land zijn gekomen, hier worden geconfronteerd met de misdadigers voor wie ze nu juist zijn gevlucht. Om de daders op te sporen en te vervolgen is het Team Internationale Misdrijven (TIM) in het leven geroepen. Dit tem heeft een aantal taken:

  • Opsporen en vervolgen
    Het Team Internationale Misdrijven is samen met het Landelijk Parket van het Openbaar Ministerie verantwoordelijk voor de opsporing en vervolging van personen die zich schuldig hebben gemaakt aan genocide, oorlogsmisdrijven, foltering of misdrijven tegen de menselijkheid. Mogelijke verdachten zijn personen die in Nederland verblijven, personen met de Nederlandse nationaliteit of personen die misdrijven pleegden ten aanzien van iemand met de Nederlandse nationaliteit. Het team maakt onderdeel uit van de Dienst Landelijke Recherche. Er zijn bijvoorbeeld onderzoeken gedaan naar Afghanen, Nederlanders en Rwandezen. 
  • Uitleveren aan andere landen:
    Naast opsporen en vervolgen kunnen personen ook worden uitgeleverd. Dit betekent dat personen die in Nederland verblijven uitgeleverd worden aan een ander land om daar te worden berecht of om hun straf uit te zitten. Zo werd in 2010 de Nederlander Senad A. door Nederland uitgeleverd aan Bosnië-Herzegovina. Daar werd hij in 2011 tot acht jaar gevangenisstraf veroordeeld voor zijn betrokkenheid bij oorlogsmisdaden in 1993 in Bosnië-Herzegovina.
  • Overleveren aan internationale tribunalen:
    Personen die in Nederland verblijven en die gezocht worden door een van de internationale tribunalen kunnen door het Team Internationale Misdrijven worden aangehouden. Daarna worden ze overgeleverd aan het internationale tribunaal. Voorbeelden hiervan zijn Simon B. en Ephrem S. Zijn werden in Nederland aangehouden, overgedragen aan het Rwandatribunaal en zijn inmiddels beiden veroordeeld tot gevangenisstraffen.
  • Overdragen van een strafzaak:  
    Als het Team Internationale Misdrijven onderzoek heeft gedaan en de verdachte blijkt in het buitenland te verblijven, dan kan de informatie, het dossier en ook de vervolging overgedragen worden aan het land waar de verdachte zich bevindt.

Wanneer is het Team Internationale Misdrijven opgericht?

In Nederland werd naar aanleiding van de oprichting van het Joegoslavië tribunaal in 1994 het Nationaal Opsporingsteam Joegoslavische Oorlogsmisdrijven (NOJO-team) opgericht. Dat team werd in 1998 uitgebreid tot het Nationale Opsporingsteam Oorlogsmisdrijven (NOVO-team), dat zich ook richtte op andere landen dan Joegoslavië. Beide teams stonden onder leiding van het Wet Oorlogsstrafrecht-team (WOS-team) van het Openbaar Ministerie in Arnhem. Op 1 september 2002 nam het Landelijk Parket in Rotterdam het gezag over het NOVO-team over van het parket in Arnhem. Vanaf 2003 is het NOVO-team overgegaan in het Team Internationale Misdrijven van de Dienst Landelijke Recherche.

Waarom is er een specifiek team dat zich bezig houdt met internationale misdrijven?

Het opsporen en vervolgen van personen die zich schuldig hebben gemaakt aan genocide, oorlogsmisdrijven, foltering of misdrijven tegen de menselijkheid is erg complex. Het zijn zaken die het best zijn te typeren als ‘cold cases op wereldformaat’. De misdrijven speelden vaak in een ver verleden, in het buitenland en tijdens een oorlogssituatie. Vandaar dat er een specifiek team is opgericht dat zich specifiek bezighoudt met de complexiteit van internationale misdrijven.

Een belangrijk deel van het onderzoek vindt ook over de grens plaats, in een door oorlog verscheurd land. Het vinden van bewijs is lastig, omdat veel documenten en forensische gegevens, bijvoorbeeld DNA-sporen, verloren zijn gegaan na verloop van tijd. Getuigenverklaringen spelen daarom een belangrijke rol in onze onderzoeken. Deze getuigen zijn vaak verspreid over de gehele wereld en dienen eerst te worden gevonden. Daarbij moeten ze zich vervolgens veilig (genoeg) voelen om hun verhaal te vertellen. Extra moeilijkheid daarbij is dat ze verklaren over gebeurtenissen die in een ver verleden hebben plaatsgevonden.

Met wie werkt het Team Internationale Misdrijven samen?

Het Team Internationale Misdrijven en het Landelijk Parket werken samen met andere organisaties om Nederland geen toevluchtsoord te laten zijn voor de plegers van internationale misdrijven. Naast opsporing, vervolging en uitlevering worden meer middelen ingezet. Te denken valt aan het weigeren van een verblijfsvergunning, uitzetting en het verbeteren van de mogelijkheden om de misdrijven te berechten in het land waar ze zijn gepleegd.

  • Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND)
    Vreemdelingen die in Nederland willen worden toegelaten, komen met hun verleden en verhalen bij de IND terecht. Soms kan het vermoeden ontstaan dat de persoon betrokken is geweest bij het plegen van ernstige misdrijven. In dat geval wordt het dossier naar een speciale afdeling van de IND gestuurd. Deze zal het dossier in behandeling nemen en uiteindelijk moeten beslissen of artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag van toepassing is. In dat geval krijgt de betreffende vreemdeling geen verblijfsvergunning. Als er sprake zou kunnen zijn van internationale misdrijven informeert de IND het Landelijk Parket. 
  • Ministerie van Veiligheid en Justitie
    Bij onderzoeken naar internationale misdrijven zal veelal onderzoek in een ander land moeten plaatsvinden, zoals het horen van getuigen. Hiervoor is toestemming van dit andere land nodig, dit heet rechtshulp. Het ministerie van Veiligheid en Justitie neemt namens het Landelijk Parket contact op met het andere land om deze toestemming te vragen. Ook zorgt dit ministerie dat bijvoorbeeld de Nederlandse wetgeving toereikend is om internationale misdrijven effectief aan te kunnen pakken en zijn ze, samen met het Ministerie van Buitenlande Zaken, betrokken bij de versterking van de justitiesector in andere landen.
  • Ministerie van Buitenlandse Zaken
    Het ministerie van Buitenlandse Zaken helpt bij het leggen van buitenlandse contacten en ondersteunt bij rechtshulpverzoeken. Daarnaast zijn ze betrokken bij de visumaanvragen die op Nederlandse ambassades in het buitenland worden ingediend. Verder zijn ze samen met het Ministerie van Veiligheid en Justitie zijn ze betrokken bij de versterking van de justitiesector in andere landen.
  • Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V)
    DT&V is een uitvoeringsorganisatie van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Zij regelt het daadwerkelijke vertrek van vreemdelingen die geen recht hebben op verblijf in Nederland.
  • Buitenlandse partners
    Het Landelijk Parket en het Team Internationale Misdrijven werken ook samen met buitenlandse partners. Er is contact met buitenlandse collegateams om kennis en ervaring te delen. Ook vindt er samenwerking plaats met internationale tribunalen, zoals het Joegoslavië Tribunaal (ICTY), het Rwanda Tribunaal (ICTR), het Special Court voor Sierra Leone en het Internationaal Strafhof (ICC). Voor de ad hoc tribunalen geldt dat ze een specifieke bevoegdheid hebben voor een bepaald conflict, land en/of periode. Daarnaast houdt het Internationaal Strafhof in Den Haag zich bezig met individuen waarbij het betreffende land deze persoon niet kan of niet wil berechten. De tribunalen en het Strafhof hebben ook eigen opsporingsteams die onderzoeken doen voor de aanklager.

Getuigenloket

Internationale misdrijven: meld het!

Uw ervaringen in het land waar u vandaan komt, kunnen van belang zijn voor ons. Misschien kent u oorlogsmisdadigers die zich op dit moment in Nederland bevinden. Deze informatie kan voor het Team Internationale Misdrijven van belang zijn.

  • Kent u iemand die oorlogsmisdaden heeft gepleegd?
    En vraagt u zich af wat u daarmee moet? Weet dan dat het Team Internationale Misdrijven in opdracht van het Openbaar Ministerie onderzoek verricht naar oorlogsmisdrijven, genocide, foltering en misdrijven tegen de menselijkheid. Als een dader zich in Nederland bevindt, kan er een onderzoek naar die persoon gestart worden. Maar ook als hij of zij naar een ander land is gevlucht kunnen we ermee aan de slag. De afgelopen jaren hebben we onder meer onderzoek gedaan in Rwanda, Afghanistan, voormalig Joegoslavië, Sierra Leone, Liberia en Congo. Een aantal oorlogsmisdadigers, genocidairs en folteraars is ondertussen tot gevangenisstraf veroordeeld door de Nederlandse rechter.
  • Waarom wil het Team Internationale Misdrijven graag dat u dit leest?
    Om daders van intenationale misdrijven op te sporen kunnen we uw informatie goed gebruiken. Het zou kunnen dat u bijvoorbeeld informatie heeft over Nederlanders die bij oorlogen betrokken zijn geweest. Of misschien bent u zelf slachtoffer van een internationaal misdrijf. In alle gevallen vragen we u vrijblijvend contact met ons op te nemen. We zullen dan bekijken wat we met uw informatie kunnen doen. Uw informatie wordt natuurlijk vertrouwelijk behandeld door ons onderzoeksteam.

Getuigen gezocht

Welke zaken heeft het Team Internationale Misdrijven gedaan?

Sinds 1996 zijn er meerdere zaken voor de Nederlandse rechter gekomen waarin sprake was van verdenkingen van internationale misdrijven. De verdachten waren afkomstig uit verschillende landen. Hieronder volgt een opsomming van de zaken per land. Daarbij zal telkens eerst een korte achtergrond van het conflict worden gegeven. 

Contactgegevens Team Internationale Misdrijven

Team Internationale Misdrijven
Postbus 100
3970 AA Driebergen

Telefoon: 088 6625743
E-mail:  warcrimes@politie.nl

 

Verklarende woordenlijst

  • Artikel 1F Vluchtelingenverdrag
    In artikel 1F van het VN-Vluchtelingenverdrag is vastgelegd dat niet iedere vluchteling recht heeft op bescherming. Personen ten aanzien van wie er ernstige vermoedens zijn dat zij een misdrijf tegen de vrede, een oorlogsmisdrijf, een misdrijf tegen de menselijkheid of een ernstig niet-politiek misdrijf hebben begaan in een ander land, of handelingen hebben verricht die in strijd zijn met de doelstellingen en beginselen van de Verenigde Naties, hebben geen recht op asiel en kunnen in beginsel worden teruggezonden naar het land van herkomst.
  • Folteringverdrag
    In het Folteringverdrag is een verbod op foltering en andere wrede, onmenselijke of onterende behandeling of bestraffing vastgelegd. Partijen bij het verdrag dienen foltering te voorkomen en folteraars te vervolgen en bestraffen. In Nederland gebeurt dit middels de Uitvoeringswet folteringverdrag en de Wet internationale misdrijven. De Uitvoeringswet folteringverdrag geeft uitvoering aan het Folteringverdrag.
  • Genocideverdrag
    Het Verdrag inzake de Voorkoming en Bestraffing van Genocide kwam tot stand op 9 december 1948. Volgens het verdrag is genocide een misdrijf naar internationaal recht. Het doel van het verdrag is om genocide te voorkomen en personen die verantwoordelijk zijn voor genocide te straffen. De Uitvoeringswet genocideverdrag geeft uitvoering aan het Genocideverdrag.
  • Kort geding
    Een versnelde civiele procedure voor gevallen waarin de afloop van de gewone procedure niet kan worden afgewacht.
  • Krijgsgevangenen
    Een krijgsgevangene is een persoon die behoort tot een bepaalde gewapende groep en die in de handen van de vijand is gevallen. Krijgsgevangen hebben op basis van het humanitair oorlogsrecht recht op bescherming en dienen volgens bepaalde standaarden te worden behandeld. Deze rechten zijn onder meer opgenomen in het Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen uit 1949 (Derde Geneefse Conventie).
  • Rechtsmacht
    De bevoegdheid van de Nederlandse rechter om over een strafzaak te oordelen. Indien Nederland geen rechtsmacht heeft mag de Nederlandse rechter niet oordelen over de betreffende zaak. Zo heeft de Nederlandse rechter bijvoorbeeld geen rechtsmacht over misdrijven tegen de menselijkheid begaan vóór 3 oktober 2003, de datum waarop de Wet internationale misdrijven in werking is getreden.
  • Verdenking
    Een redelijk vermoeden van schuld ten aanzien van iemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd.
  • Wet internationale misdrijven
    Op 1 oktober 2003 is de Wet internationale misdrijven (WIM) in Nederland in werking getreden. Op grond van de WIM heeft Nederland rechtsmacht over genocide, misdrijven tegen de menselijkheid en oorlogsmisdrijven.
  • Wet oorlogsstrafrecht
    In de Wet oorlogsstrafrecht (WOS), die al sinds 1952 in Nederland van kracht is, zijn oorlogsmisdrijven strafbaar gesteld. Sinds 2003 zijn oorlogsmisdrijven strafbaar gesteld in de Wet internationale misdrijven (WIM). Omdat de WIM geen terugwerkende kracht heeft ten aanzien van oorlogsmisdrijven, worden oorlogsmisdrijven begaan vóór 1 oktober 2003 in Nederland vervolgd op basis van de WOS.

Information about International Crime Unit in English

Fiche d'information sur l'équipe des crimes internationaux